Inloggen Digitaal Portaal

ONVZ over het regeerakkoord

Het regeerakkoord dat maandag openbaar is gemaakt beschrijft de richting van het beleid voor de komende jaren. Op het gebied van zorg en zorgverzekeringen wordt een aantal aanpassingen beschreven, waarvan sommige redelijk duidelijk en concreet beschreven zijn. De meeste onderwerpen geven echter slechts de richting aan. Omdat veel voorgestelde aanpassingen een wijziging in wet- en regelgeving vereisen, zal het Ministerie van VWS de komende periode aan de slag gaan om de benoemde richting om te zetten in concrete beleidsvoorstellen. Het is dus momenteel nog te vroeg om precies aan te kunnen geven wat de impact is.

Op basis van de tekst van het regeerakkoord heeft het Centraal Planbureau (CPB) een analyse opgesteld van de financiële gevolgen.
Regeerakkoord en CPB zijn dus op dit moment de enige bronnen met feitelijke informatie.

We hebben de belangrijkste richtingen voor u beschreven en eventueel aangevuld met de nu bekende mogelijke gevolgen. Daarnaast leest u ook een reactie van ONVZ.


Financiering Stelsel/Berekening Premie
De zorgpremie wordt in hoofdzaak inkomensafhankelijk.

  • De nominale premie gaat van gemiddeld € 255 per jaar in 2014 naar € 400 per jaar in 2017. Daarna blijft de verhouding tussen nominale en inkomensafhankelijke premie constant.
  • De inkomensafhankelijke premie wordt via de belasting geheven en bedraagt 11,1% van het inkomen vanaf minimuminkomen tot 2x modaal. Bij een inkomen boven 2x modaal blijft de premie gelijk aan de premie bij 2x modaal.
  • De werkgeversbijdrage blijft 7,1% (7,75% in 2013), maar de inkomensgrens daarvoor wordt verhoogd naar 2x modaal(nu € 50.000).
  • De zorgkosten worden gelijk verdeeld tussen werkgevers en werknemers.
  • De zorgtoeslag verdwijnt.
  • Het eigen risico wordt inkomensafhankelijk in 2015: afhankelijk van het inkomen is het verplichte eigen risico € 180, € 350 of € 595. Wie dit eigen risico moet gaan innen is nog onduidelijk. Een zorgverzekeraar heeft immers geen inkomensgegevens.

Het percentage van 11,1% is zo gekozen dat gezinnen er gemiddeld niet op vooruit of achteruit gaan. Voor individuele gezinnen heeft het wel effect, gezinnen met een laag inkomen gaan er op vooruit, gezinnen met een hoog inkomen achteruit.

Voor verzekeraars betekent het dat 85% van hun inkomsten afkomstig zal zijn van inkomensafhankelijke premies, feitelijk zijn dat belastingen. Slechts 15% van hun inkomsten innen ze zelf bij de verzekerden.

* Reactie ONVZ
Het betekent feitelijk een andere manier van betalen.
Tot en met 2013 gaat een groot deel van de financiering via de premies, dat lijkt vanaf 2014 voor een groot deel via de belastingdienst te gaan lopen. Linksom of rechtsom gaan mensen allemaal meer betalen voor de zorg, waarbij de rekening door de nieuwe regeling in het huidige voorstel met name bij de hogere middeninkomens en tweeverdieners wordt neergelegd.

Door de nominale premie te beperken wordt de concurrentie tussen zorgverzekeraars minder. Dit omdat de premieverschillen zeer beperkt lijken te zullen zijn.

Stelsel/kostenbeheersing
Met behulp van convenanten wil de regering het zorgstelsel binnen maatschappelijk en politiek wenselijke bandbreedtes houden. Met verzekeraars moet een convenant worden gesloten over preventie en het bevorderen van een gezonde levensstijl. Door voortzetting van het hoofdlijnenakkoord met instellingen voor medisch specialistische zorg, vrijgevestigde medisch specialisten, huisartsen en instellingen voor geestelijke gezondheidszorg na 2014 moet de kostenstijging verder worden gedrukt. De NZa moet daarbij vooraf toetsen of verzekeraars binnen die kaders inkopen.

* Reactie ONVZ
De overheid neemt zelf een belangrijke rol om convenanten op te zetten om de kosten te beheersen en kwaliteit van zorg te verhogen. Met name het convenant over preventie en het bevorderen van een gezonde levensstijl sluit aan bij de weg die ONVZ al is ingeslagen.

Beperking keuzevrijheid van behandelaar
Concentratie van voorzieningen zorgt vaak voor een hogere kwaliteit tegen lagere kosten. Verzekeraars zijn er verantwoordelijk voor dat dit doel bereikt wordt, door selectiever te contracteren op basis van heldere kwaliteitscriteria. Daarom wordt de basisverzekering beperkt tot naturapolissen, de restitutiepolis gaat naar de aanvullende verzekering.

* Reactie ONVZ
Het beperken van de keuzevrijheid van behandelaar en instelling is in de ogen van ONVZ onnodig en ongewenst. ONVZ ziet niet in dat concentratie van zorg slechts bereikt kan worden door de basispolis te beperken tot naturapolis. ONVZ betwijfelt bovendien of deze wijziging de Europeesrechtelijke toets kan doorstaan. Mocht dit wel het geval zijn dan kan ONVZ uiteraard binnen de mogelijkheden van de naturapolis de keuzevrijheid zoveel mogelijk garanderen. Dit is echter niet aan de orde voor 2013. Het is de vraag wanneer het Ministerie van VWS het complexe veelomvattende beleid hierover uitgewerkt kan hebben. Daarnaast is het de vraag of deze naast Tweede Kamer ook door de Eerste Kamer bekrachtigd gaat worden, VVD en PvdA hebben in de Senaat namelijk geen meerderheid. De huidige zorgverzekeringswet zal aangepast moeten worden. Het is daarom nu nog niet te zeggen wanneer deze beperking van kracht kan gaan worden.

AWBZ
De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) wordt omgevormd tot een nieuwe landelijke voorziening waarin de intramurale ouderen- en gehandicaptenzorg (vanaf ZZP 5) landelijk wordt georganiseerd (zowel voor inkoop als indicatiestelling). Dit betekent dat de huidige regionale zorgkantoren op termijn zullen verdwijnen. Zowel zorg in natura als pgb’s blijven bestaan. De bestaande regionale structuur van zorginkoop met budgetplafond wordt vooralsnog gehandhaafd, terwijl de indicatie wordt beperkt tot degenen die het echt nodig hebben. De besparing ontstaat door het terugdringen van regionale variatie en spreiding in tariefstelling. Het CPB heeft een besparing berekend van 0,2 miljard euro. Wanneer deze nieuwe structuur wordt ingevoerd is op dit moment nog niet duidelijk.

De inkrimping van de AWBZ wordt gerealiseerd door overheveling van taken van de huidige AWBZ naar de Zvw en de gemeentelijke WMO. Zo wordt de intramurale langdurige geestelijke gezondheidszorg (GGZ) in 2015 overgeheveld naar de Zvw, net zoals de extramurale verplegingszorg in 2017. Samen gaat het om een bedrag van krap 2 miljard euro. Voor beide overhevelingen wordt een budgettair kader geformuleerd en wordt de eis gesteld dat vooraf zicht moet zijn op risicodragendheid van de zorgverzekeraars. De verplegingszorg gaat in de Zvw onder hetzelfde systeem van populatiegebonden bekostiging als de huisartsenzorg. De indicatiestelling vervalt. Zo verdwijnen schotten, bevorderen we wijkverpleging, ontmoedigen we overbehandeling en stimuleren we een sterke eerste lijn waar de huisarts integraal deel van uitmaakt.
Inpassing van deze beide vormen van langdurige zorg in het raamwerk van de eenjarige private zorgverzekeringen zal volgens het CPB nog niet eenvoudig zijn. Mede daarom heeft het CPB aan deze overhevelingen vooralsnog geen
doelmatigheidswinst of andere financiële effecten toegekend.

De overige extramurale AWBZ-zorg (ca. 10 miljard euro), vooral bestaande uit de functies verzorging, begeleiding en dagbesteding, wordt in 2015 overgeheveld naar de gemeentelijke WMO en verandert daarmee van een verzekerd recht in een voorziening. De functie dagbesteding wordt als zodanig geschrapt en de aanspraken op persoonlijke verzorging worden ingeperkt. Bovendien zullen gemeenten mede dankzij het voorzieningenkarakter beter maatwerk kunnen leveren. Daarom wordt het over te hevelen budget voor de gemeenten met 1,6 mld euro taakstellend verlaagd.

* Reactie ONVZ
Het lijkt erop dat de AWBZ in drieën geknipt gaat worden, waarbij een deel naar de WMO gaat, een deel naar de Zvw en een deel centraal geregeld gaat worden. De uitvoering van de AWBZ door verzekeraars lijkt daardoor van de baan. Een standpunt hierover zullen we op een later moment pas kunnen vormen.

Afschaffen Zorgtoeslag, WTCG en andere inkomensafhankelijke regelingen
De combinatie van de introductie van inkomensafhankelijke zorgfinanciering en het organiseren van zorg dicht bij mensen maakt het mogelijk dat drie afzonderlijke inkomensregelingen op het gebied van ziektekosten worden geschrapt en vervangen door een inkomensvoorziening door gemeenten. Dit moet een besparing opleveren van 0,6 miljard euro.
Het betreft regelingen als compensatie eigen risico, de aftrek specifieke zorgkosten en de wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten.

* Reactie ONVZ
Patiënten dienen in de toekomst een beroep te doen op gemeenten. De rol van ONVZ zal hierin beperkt zijn.

GGZ
Zorgverzekeraars worden in 2017 financieel verantwoordelijk voor de Geestelijke GezondheidsZorg (GGZ). Dit vergt vervanging van de kostenverevening achteraf door een goede vereveningssystematiek vooraf, een deugdelijke productstructuur en goede kwaliteitsmeting. Langdurige geestelijke gezondheidszorg kan dan ook overgeheveld worden naar de zorgverzekeringswet. Om afwenteling te voorkomen wordt de bestaande eigen bijdrage in de eerste lijn budgettair neutraal omgezet in een procentuele eigen bijdrage voor alle GGZ-kosten in eerste en tweede lijn gezamenlijk. Dit resulteert in een lagere eigen bijdrage in de eerste lijns GGZ.

Heeft u vragen?

Ma-vrij08:30 - 17:30 uur

vo@onvz.nl

Contact

Zorgverzekeringen

Uw gezondheid is onze zorg. Met uitgebreide vergoedingen, aantrekkelijke premies en persoonlijke service.

Zorgverzekeringen >
Deze website maakt gebruik van cookies. Waarom? Klik hier voor meer informatie X Sluit deze melding