Inloggen MijnONVZ

Artikel 4 Huisartsenzorg

lid 1
Huisartsenzorg
Aanspraak bestaat op vergoeding van de kosten voor geneeskundige zorg zoals huisartsen die plegen te bieden. Een huisarts of een daarmee gelijk te stellen arts/zorgverlener, werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een huisarts, verleent de zorg. Als het gaat om individuele geneeskundige zorg bij infectieziekte- of tuberculosebestrijding kan ook een arts infectieziekte- of tuberculosebestrijding de zorg verlenen.

Huisartsenzorg zoals hiervoor beschreven omvat ook:

  • het daarmee samenhangende (laboratorium)onderzoek dat in de huisartsenpraktijk zelf wordt uitgevoerd. Voor vergoeding van kosten voor (laboratorium)onderzoek dat elders wordt verricht in opdracht van een huisarts geldt artikel 5;
  • multidisciplinaire eerstelijnszorg bij chronische aandoeningen;
  • voedselallergieonderzoek bij kinderen via de dubbelblinde, placebogecontroleerde voedselprovocatietest (DBPGVP). Deze kan ook worden uitgevoerd door een jeugdarts. Individuele geneeskundige zorg bij infectieziekte- en/of tuberculosebestrijding omvat niet:
  • algemene preventieve maatregelen, zoals collectieve voorlichting en vaccinaties, en bron- en contactopsporing in verband met collectieve preventie;
  • voorlichting en advisering over en vaccinaties en geneesmiddelen ter voorkoming van een ziekte in het kader van een reis. ONVZ adviseert om na te gaan of uw aanvullende verzekering voor de kosten hiervan dekking biedt.

lid 2
Kortdurend eerstelijnsverblijf

Aanspraak bestaat op vergoeding van kosten voor kortdurend eerstelijnsverblijf als dit noodzakelijk is in verband met generalistische geneeskundige zorg. ONVZ vergoedt de kosten van de generalistische geneeskundige zorg en het verblijf, al dan niet met verpleging en verzorging. Ook vergoedt ONVZ de kosten van eerstelijnsdiagnostiek, paramedische zorg, geneesmiddelen, hulpmiddelen en verbandmiddelen tijdens het verblijf als deze zorg verband houdt met de geneeskundige zorg waarvoor het verblijf medisch noodzakelijk is.

De hoofdbehandelaar is een huisarts, specialist ouderengeneeskunde of arts voor verstandelijk gehandicaptenzorg. Het verblijf vindt plaats in een instelling met WTZi-toelating voor persoonlijke verzorging, verpleging, behandeling en verblijf.

ONVZ vergoedt de kosten van kortdurend eerstelijnsverblijf als:

  • de zorg verband houdt met de behoefte aan generalistische geneeskundige zorg zoals huisartsen die plegen te bieden of een hoog risico daarop, maar geen medisch-specialistische behandeling of (geriatrische)revalidatie nodig is;
  • 24-uurs beschikbaarheid en zorg in de nabijheid van een verpleegkundige met minimaal niveau 4 georganiseerd is;
  • het verblijf is geïndiceerd door een huisarts aan de hand van het in de beroepsgroep gebruikelijke afwegingsinstrument eerstelijnsverblijf, waarbij is vastgesteld dat u niet bent aangewezen op permanent verblijf, én
  • de zorg is gericht op terugkeer naar de eigen omgeving door het opheffen of stabiliseren van de aandoening of beperking en de gevolgen ervan. Dit is vastgelegd in een zorgplan. Uitzondering vormt de situatie waarin sprake is van palliatief terminale zorg.

ONVZ vergoedt de kosten van kortdurend eerstelijnsverblijf na drie maanden alleen als zij voor het verstrijken van die periode toestemming heeft gegeven voor langer verblijf. U moet hiervoor een gemotiveerde schriftelijke verklaring van de hoofdbehandelaar in (laten) dienen bij ONVZ.

ONVZ houdt op de kosten van het eerstelijnsverblijf het eigen risico in. ONVZ vergoedt de zorg door een huisarts tijdens het eerstelijnsverblijf als huisartsenzorg (lid 1). Hiervoor geldt geen eigen risico.

Voor vergoeding van de kosten van geboortezorg geldt niet dit artikel, maar artikel 8.
Voor vergoeding van de kosten van geriatrische revalidatie geldt niet dit artikel, maar artikel 9,
lid 2.

Wilt u deze zorg in het buitenland ontvangen, dan adviseren wij u om voor aanvang van de zorg contact op te nemen met de ONVZ ZorgConsulent om te bespreken of de zorg voldoet aan de voorwaarden van dit artikel. Zie over zorg in het buitenland ook artikel 25.

Overgangsregeling
Als u op 31 december 2016 een geldig indicatiebesluit van het CIZ heeft voor eerstelijnsverblijf volgens de subsidieregeling Wlz, dan is daarmee voldaan aan lid 2 van dit artikel. U kunt de zorg vanaf 1 januari 2017 ontvangen of, als u al zorg ontvangt, deze zorg voortzetten (ook bij dezelfde zorgverlener) tot de einddatum van het indicatiebesluit van het CIZ, maar uiterlijk tot 1 april 2017. Als u een indicatie heeft voor eerstelijnsverblijf palliatief terminale zorg dan geldt als einddatum 1 januari 2020.

Deze overgangsregeling geldt alleen zolang er een medische noodzaak is voor het eerstelijnsverblijf of u aangewezen bent op deze zorg. Mocht na de hier genoemde einddatum een langer eerstelijnsverblijf nodig zijn, dan moet u hiervoor een aanvraag indienen volgens lid 2 van dit artikel.

Belangrijk

Dit artikel is onderdeel van de volledige voorwaarden van deze zorgverzekering.

Wilt u de volledige polisvoorwaarden van deze zorgverzekering? Bekijk dan de pagina polisvoorwaarden

Zorgverzekeringen

- Basisverzekering
- Zorgverzekering Extrafit
- Zorgverzekering Benfit
- Zorgverzekering Optifit
- Zorgverzekering Topfit
- Zorgverzekering Superfit
- Tandartsverzekering

Deze website maakt gebruik van cookies. Waarom? Klik hier voor meer informatie X Sluit deze melding