Focus-expert Mark Tigchelaar: ‘Een gebrek aan concentratie werkt als een sluipmoordenaar’

20 juli 2022 | Levensstijl | Interview | 3 min. leestijd

Mark Tigchelaar schreef het boek Focus AAN/UIT, waarin hij beschrijft wat de grootste ‘concentratielekken’ zijn in werk en privé. Hoe kunnen we ons weer richten op de dingen die belangrijk voor ons zijn? ‘We moeten van een afgeleide samenleving naar een gefocuste samenleving.’

Hoe is die fascinatie voor focus ontstaan?

‘Als kind was ik zwaar dyslectisch. Ik had moeite met leren en concentreren en dat frustreerde mij enorm. Zo’n achttien jaar geleden ben ik me gaan verdiepen in hoe het nu werkt in mijn hoofd. Ik kwam erachter dat focus het kernwoord is als je meer uit je hersenen wilt halen. Sindsdien ben ik gefascineerd door het onderwerp. Wat ik doe is wetenschappelijk onderzoek vertalen naar de dagelijkse praktijk, daar heb ik mijn werk van gemaakt. Ik geef trainingen en schrijf boeken over focus.’  

Kun je uitleggen hoe focus werkt?

‘Onze hersenen krijgen elke seconde miljoenen prikkels te verwerken. Dat gaat de hele dag door. Onbewust filteren we al die prikkels. Dat moet wel, anders worden we knettergek. Onze hersenen maken dus een selectie, ze maken continu de afweging: is dit belangrijk of niet? Deze interne selectietool kun je zien als een gate keeper. Stel, op een kleine afstand staan jouw collega’s te praten, en ineens valt jouw naam. Je hebt verder geen enkel woord van hun gesprek gehoord, maar jouw naam wél, want die is belangrijk voor je. Jouw hersenen laten die prikkel dus wel door, focussen zich. Dit fenomeen noemen we ook wel het cocktailpartyeffect. Wanneer je je niet kunt focussen, loopt die selectie niet helemaal lekker. Dat betekent dat je alsnog een overload aan prikkels binnenkrijgt, en dat is een overweldigend gevoel. Je kunt je niet meer concentreren. Het goede nieuws is: je kunt leren focussen. Om te beginnen door je bewust te zijn van wat jou afleidt.’

Die afleidingen heb je in je boek samengevat in vier ‘concentratielekken’. Welke zijn dat?

‘Om grip op focus te krijgen, moet je bewust zijn van concentratielekken. Het eerste lek zijn externe prikkels. Dit zijn prikkels die buiten jezelf liggen: telefoon, e-mails, collega’s. Die geven we vaak als eerste de schuld bij afleiding, terwijl je het probleem eigenlijk zelf in de hand hebt. Het is weliswaar een spagaat: enerzijds wil je je werk goed doen, dus bereikbaar zijn. Anderzijds wil je je concentreren, ongestoord werken. Het is kiezen of delen.
Dan zijn er interne prikkels. Ideeën die door je hoofd schieten, emoties. Je eigen hoofd is de grootste afleider. Als je merkt dat je gedurende de dag regelmatig mail of telefoon checkt, dan is dat ook een signaal dat je hoog scoort op interne prikkels. Het is de interne behoefte om continu beloond te willen worden. Een verslaving. Aan het eind van de dag denk je wel: ik ben druk geweest, maar met wat eigenlijk?

Een ander concentratielek is te weinig brandstof, ofwel vermoeidheid. Je hersenen zijn niet meer in staat dingen op te nemen, en daarom kun je je werk niet goed doen.
Tot slot hebben we nog te weinig prikkels. Dit lek staat voor weinig engagement. Je dwaalt af als iets te saai of simpel is, met als gevolg: geen focus. In mijn boek leg ik de concentratielekken uitvoeriger uit en geef ik ook praktische tips hoe ermee om te gaan.’

Hoe bepalend is de telefoon voor onze concentratie?

‘Het wisselen in aandacht vergt veel inspanning van je hersenen. Daar merk je in eerste instantie niets van. Bij ieder geluid van je telefoon denk je: ha, leuk een nieuw berichtje! Maar je lichaam reageert geschrokken, het maakt het stresshormoon cortisol aan. Het geluidje kan van alles zijn: een gezellig appje óf een vervelende mail. Cortisol maakt ons alert. Dat kwam in de prehistorie goed van pas, als er bijvoorbeeld geritsel was in de struiken. Is het de buurman of is het een tijger? Moet je vluchten, vechten of kun je rustig blijven zitten? Die evolutionaire schrikreactie zit er bij de mens nog goed in. Het probleem is dat we nu niet eens in de twee dagen zo’n schrikreactie krijgen, maar wel 200 keer op een dag. We zitten dus in permanente staat van alertheid. Dus ja, onze telefoon heeft veel invloed op onze concentratie en veroorzaakt stressklachten. De beste manier om dit tegen te gaan is toch echt je telefoon bewuster te gebruiken. We moeten van een afgeleide samenleving meer naar een gefocuste samenleving.’

Maar hoe kun je dan focussen met al die afleiding en stress?

‘Het grote probleem van deze tijd is niet te veel stress, maar de verkeerde manier van opladen en ontspannen. Scrollend door je telefoon tijdens je pauze is geen echte ontspanning. Je moet in periodes kunnen ontfocussen. Daar ligt een uitdaging, want we zijn graag de hele dag bezig. Om te ontfocussen kun je bijvoorbeeld gaan mediteren of yoga doen. Al staar je gedachteloos door het raam. Even helemaal niks doen. Dat is echt dé manier om te ontspannen. Goed slapen, mag in dit rijtje ook niet vergeten worden. Een powernap van 20 minuten is al effectiever dan een shot cafeïne. Door te ontfocussen kun je je weer goed focussen.’

Wat kunnen werkgevers doen om medewerkers gefocust te houden?

‘Te veel afleiding op de werkvloer wordt vaak onderschat, met alle gevolgen van dien. Een gebrek aan concentratie werkt als een sluipmoordenaar. Het heeft directe invloed op de kwaliteit van het werk en de gezondheid van mensen. Om goed werk te kunnen leveren, moet je soms de diepte in kunnen duiken. Dat betekent dat je je zo nu en dan moet kunnen afzonderen. Geef medewerkers dus letterlijk en figuurlijk de ruimte om op bepaalde momenten ongestoord te kunnen werken. Geef medewerkers het recht om tijdens hun werk onbereikbaar te zijn.’

3 tips om in een productieve flow te komen

  1. Bouw routines in je dag, zodat je meer tijd hebt voor dingen die je belangrijk vindt. Routine geeft rust. ‘De meest succesvolle mensen doen het. Steve Jobs droeg alleen maar coltruien, zodat hij verder niet hoefde na te denken over zijn kleding.’ De keerzijde van routine is dat het saai kan zijn. Heel gefocust leven, zoals topsporters het doen, betekent ook vaak ‘nee’ zeggen tegen leuke dingen.

  2. Simpel maar effectief: schrijf dingen die je bezighouden op. Zo haal je ze uit je hoofd en zet je ze op papier. ‘Doe een “mindsweep” voor het slapen gaan. Zo val je sneller in slaap, omdat je de gedachten die je wakker houden op papier hebt gezet.’

  3. Neem op gepaste momenten pauzes. Om de 25 minuten, vijf minuten helemaal niks doen. ‘En op je telefoon zitten, is géén pauze. Het is natuurlijk leuk, maar het is geen oplaadmoment. Brein-technisch gezien ben je op je telefoon eigenlijk ook aan het werk.’

 

Meer weten? Kijk op www.focusacademy.com